header banner
Default

Aanleg en onderhoud - Internet en hosting - GoT [KPN Netwerk - Glasvezelnetwerk]


Het valt ons steeds vaker op dat provider-topics (zoals die van KPN Glasvezel) worden "misbruikt" voor vragen/opmerkingen over het glasvezelnetwerk van KPN Netwerk. Daarom dit topic. Hier kan je alle vragen stellen omtrent het glasvezelnetwerk van KPN Netwerk. Dus alles over de glasvezelkabel van de PoP/splitterkast tot en met de FTU en hoe deze worden aangelegd.

Geen vragen hier over het functioneren van je KPN-aansluiting! ;) Dit topic is voornamelijk bedoeld voor mensen die te maken krijgen met de aanleg van glasvezel door KPN in hun woning en willen weten hoe ze dit proces zo goed mogelijk kunnen doorlopen.

Wil je niet het hele topic lezen, maar ben je op zoek naar nuttige tips m.b.t. jouw glasvezelaanleg, ga dan meteen naar De aanleg.

Alles omtrent een glasvezelnetwerk staat bol van technische begrippen met een heleboel (voornamelijk drie-letterige) afkortingen. We proberen in deze startpost alles duidelijk te maken aan de hand van de uitleg van die begrippen. We richten ons daarbij in dit topic op de netwerkbeheerder KPN Netwerk, de grootste glasvezelnetwerkbeheerder van het land.

KPN Netwerk was vroeger Reggefiber, een voorheen zelfstandig bedrijf dat werd overgenomen door KPN, waarbij het na overname eerst de naam “KPN Netwerk NL” kreeg. Hoewel we ons richten op KPN Netwerk gaan dezelfde principes (in ieder geval in grote lijnen) ook op voor andere glasvezelnetwerkbeheerders.

Feedback op de startpost graag naar @TimoDimo.

Inhoud

  • Glasvezeltechnieken en netwerkinrichting
    • Point of Presence (PoP)
    • Optical Distribution Frame (ODF)
    • AON vs. PON
      • KPN’s PON-technieken door de jaren heen
    • Point-to-point vs. point-to-multi-point
      • Nadelen
      • De toekomst is full-PON
    • Distributiepunt (DP)
    • Speciale PON-technieken
      • Optical Line Terminal (OLT)
      • Optisch aggregatiepunt (OAP)
      • Optical Network Termination (ONT)
  • De hardware bij de eindgebruiker
    • De glasvezelkabels
    • Fiber Termination Unit (FTU)
    • Patchcover
    • Mediaconverter
      • NT(U) (mediaconverter)
      • ONT (mediaconverter)
    • Router
    • Eigen apparatuur
      • AON
      • PON
  • De verschillende partijen bij glasvezel
    • Netwerkbeheerder
    • Netwerkoperator
    • Internet Service Provider (ISP)
  • De aanleg
    • Schouwen en het installatiedocument
    • Graafwerkzaamheden
    • Afwerking van de aansluiting
      • Locatie van de FTU
      • Bepaal zelf de juiste afwerking en dwing deze af bij KPN Netwerk
    • Oplevering
    • Aandachtspunten bij VvE’s
      • Toestemming krijgen voor de aanleg van de leden
      • De voorbereiding
      • Bepaling van het tracé door het VvE-bestuur
      • Huurders
      • Informeren van bewoners
  • Full-(G)PON en concurrentie op operatorniveau
    • Bijna geen concurrentie meer
    • De consequenties
    • De toekomst
    • Conclusie

Glasvezeltechnieken en netwerkinrichting

De glasvezel die bij je binnenkomt is uiteindelijk aangesloten op de switch die je met de rest van het internet verbindt. Tussen je huisaansluiting en die apparatuur in de wijkcentrale (PoP) zitten nog allerlei schakels, afhankelijk van het type netwerk dat is aangelegd in jouw wijk/stad/project. Belangrijk daarbij is of de glasvezel gesplitst is en of je dus het signaal deelt met je buren of niet (PON vs. AON). Verder kan het netwerk aangelegd zijn met straatkasten waar splitters in zitten (point-to-multi-point), of een variant waarbij alle aansluitingen individueel met hun eigen glasvezel direct naar de centrale lopen (point-to-point). We leggen al deze varianten hieronder uit, te beginnen met de PoP, de wijkcentrale waar je met je glasvezelaansluiting op het internet bent aangesloten.

Point of Presence (PoP)

Een PoP (Point of presence) is een plaats waar glasvezels samenkomen van meerdere huisaansluitingen en/of andere PoP’s. In een PoP staat de apparatuur die toegang geeft tot het netwerk van een netwerkoperator (zie verder) op deze glasvezels, zodat een internet service provider (ISP) de internetverbinding kan verzorgen voor alle aangesloten abonnees. Je kunt het ook de wijkcentrale noemen. De PoP-gebouwen zitten echter vaak niet op dezelfde plek als de oude telefooncentrales. Hoewel glasvezel langere afstanden kan overbruggen zijn er toch vaak meer PoP’s dan telefooncentrales, om de lengte van ondergrondse kabels in de perken te houden. Vaak worden er bestaande gebouwen voor gebruikt; een alternatief is een nieuw prefab betonnen gebouwtje van zo’n 16 m², of een kleinere variant daarvan.


Een betonnen prefab PoP-gebouwtje, klaar om te worden geplaatst.

Er zijn city PoP's (hoofdPoP's) en area PoP’s. In een grotere stad staan meerdere city PoP's, die verbinding hebben met de “backhaul” van een netwerkoperator, oftewel de aansluiting met de rest van het internet. De city PoP’s staan meestal ook met elkaar in verbinding, meestal via glasvezelkabels die in een ring lopen, van city PoP naar city PoP, door de hele stad heen (de “city ring”). Elke city PoP staat vervolgens in verbinding met meerdere area PoP’s. In de area PoP’s worden de huisaansluitingen getermineerd, oftewel op het internet aangesloten. Hoeveel huisaansluitingen daadwerkelijk getermineerd worden in een area PoP ligt eraan wat voor soort glasvezelnetwerk er is gebouwd, point-to-point of point-to-multi-point (zie Point-to-point vs. point-to-multi-point verderop).

Optical Distribution Frame (ODF)

In een area PoP worden de glasvezels georganiseerd in patchkasten, die optical distribution frame (ODF) worden genoemd. Deze zijn vaak georganiseerd in ODF-lades. In de ODF-lades komen de glasvezels uit die vervolgens verbonden worden met (gelast worden op) een connector, zodat er een optische patchkabel in gestoken kan worden. Net als de FTU (zie verderop) aan de eindgebruikerszijde worden de glasvezels hier aan de PoP-zijde getermineerd. Het zijn passieve componenten en dienen ervoor om de glasvezels die naar de eindgebruikers lopen aan te sluiten op de apparatuur van de operator en dus aan te sluiten op het internet.

De operator kan dus zijn patchkabel in een connector op de ODF-lade steken en aansluiten op zijn eigen apparatuur. Deze apparatuur bestaat o.a. uit de laser die de vezels belicht en de ontvanger van het optische signaal voor de conversie van optische naar elektrische signalen (bij PON is dit een OLT, zie Optical Line Terminal (OLT) hieronder). Dit is vergelijkbaar met de DSLAM bij DSL-netwerken. Voor het gemak wordt de apparatuur ook bij glasvezel vaak DSLAM genoemd.



Een lade van een Optical Distribution Frame (ODF).

AON vs. PON

Afhankelijk van de gebuikte soort apparatuur binnen een netwerk voor de versturing van optische signalen kan een netwerk AON of PON zijn.

  • AON staat voor active optical network. Bij AON is er per aansluiting/adres een aparte glasvezel die naar de area PoP loopt. En er is dus voor elke aansluiting ook een toegewijde actieve optische poort in de area PoP (een “eigen” laser dus per aansluiting die het optische signaal genereert). AON wordt door KPN ook wel GOF of EOF (Gigabit/Ethernet over Fiber) genoemd.
  • PON staat voor passive optical network. Bij PON worden er per actieve optische poort in de area PoP meerdere aansluitingen bediend. Eén actief signaal wordt hierbij gesplitst (gedupliceerd) met een optische (passieve) splitter. Een optische splitter kan het actieve optische signaal splitsen (afhankelijk van de fabrikant) in 16, 32, 64 tot wel 256 glasvezels bij moderne splitters (momenteel wordt veelal 32 gekozen).

AON is hierbij dus eigenlijk de “eenvoudige standaard manier” om een netwerk aan te leggen. De optische signalen worden daarbij door de NTU één-op-één omgezet in een elektrisch signaal dat je direct uit kunt lezen. PON daarentegen is een qua techniek iets ingewikkeldere variant die hoofdzakelijk bedoeld is om de aanleg goedkoper te maken voor de netwerkbeheerder (KPN Netwerk). Met PON wordt namelijk point-to-multi-point mogelijk (zie Point-to-point vs. point-to-multi-point verderop).

Naast kostenvoordelen voor de netwerkbeheerder is het voordeel van PON boven AON voor de netwerkoperator dat ook de apparatuur per aansluiting goedkoper is omdat er per 16 tot wel 256 aansluitingen maar één laser nodig is, wat ook nog wat energiebesparing oplevert.

Nadelen van PON zijn er ook, voornamelijk voor de consument: het delen van één actief signaal met meerdere huishoudens betekent dat de maximale beschikbare bandbreedte per aansluiting altijd lager zal zijn dan bij AON. Daarnaast is er een potentieel veiligheidsrisico als meerdere gebruikers toegang hebben tot elkaars (weliswaar versleutelde) signalen. Verder is een nadeel dat het een ingewikkelder techniek is en het dus ook minder eenvoudig is om je eigen apparatuur (mediaconverter) te kunnen gebruiken.

Omdat meerdere huishoudens bij PON een identiek optisch signaal binnenkrijgen, bevat dit signaal de datastroom voor alle huishoudens die op dat signaal zijn aangesloten (via de PON-splitter). Het samenvoegen van deze datastromen gaat via wavelength-division multiplexing, of time-division multiplexing, achtereenvolgens "WDM-PON" of "TDM-PON". De ONT (zie verder bij Optical Network Termination (ONT)) bij de eindaansluiting “filtert” de data bedoeld voor de eigen aansluiting uit het signaal. Uiteraard zit er encryptie op zodat alleen de datastroom voor de eigen aansluiting kan worden gelezen en verstuurd (eigenlijk is dit dus sterk vergelijkbaar met coax, waarbij het signaal ook verdeeld wordt over meerdere adressen vanaf de straatkast).

KPN’s PON-technieken door de jaren heen

De PON-variant van het glasvezelnetwerk van KPN Netwerk is GPON (gigabit passive optical network) , een in Nederland veelgebruikte standaard voor PON. KPN WBA rust sinds juli 2020 nieuwe PoP’s met GPON uit (maar legt op dat moment nog geen full-GPON aan, zie verderop). Met GPON haalt KPN downstream 2,4 Gb/s en upstream 1,2 Gb/s, gedeeld met meestal 32 eindgebruikers of wat de splitterratio ook moge zijn.

Na enkele proeven, legt KPN omstreeks 2021 nieuwe netwerken aan met XGS-PON, een nieuwe standaard die GPON opvolgt en snelheden van 10 Gb/s mogelijk maakt. Zie nieuws: KPN begint vanaf volgende maand met inzet XGS-PON in glasvezelnetwerk.

Welke van deze twee principes (AON of PON) er gebruikt wordt is er sterk aan gerelateerd of het netwerk point-to-point of point-to multi-point is.

Point-to-point vs. point-to-multi-point

Hoe de optische signalen van het glasvezelnetwerk lopen tussen de PoP en de aansluiting van de eindgebruiker ligt aan de manier waarop het netwerk is ingericht. Hier zijn twee manieren voor: point-to-point of point-to-multi-point.

  • Bij point-to-point loopt het optische signaal vanuit de area PoP direct (zonder tussenkomst van apparatuur) naar je huisaansluiting/eindgebruiker. Wel zit er een distributiepunt (DP) tussen om de losse glasvezels te kunnen bundelen in dikkere kabels die naar de PoP lopen.
    Bij point-to-point zijn er per city PoP zo’n twintig area PoP’s en per area PoP kunnen er maximaal zo’n 2500 tot 3500 adressen/huisaansluitingen op aangesloten zijn. Een stad als Amsterdam (met pakweg 500 000 adressen) zou dan dus zo’n 7 tot 10 city PoP’s hebben en 150 tot 200 area PoP’s.
  • Bij point-to-multi-point loopt er een kleiner aantal glasvezels vanuit de area PoP naar kleine straatkasten, waar de optische signalen middels de PON-techniek gesplitst worden, dichtbij de eindgebruiker. Deze straatkast wordt bij KPN Netwerk een optisch aggregatiepunt (OAP) genoemd. Vanuit de OAP gaan de gesplitste glasvezelkabels (ook weer via een DP) naar de eindgebruikers/(huis)adressen.
    In een OAP zitten meerdere PON-splitters en zo worden er per OAP vaak rond de 700 adressen aangesloten. Van elke OAP hoeven maar een paar vezels naar de area PoP te lopen, waardoor één area PoP tienduizenden huisaansluitingen kan termineren. Een stad als Amsterdam zou dan slechts een handvol city PoP’s hebben, zo’n 20 tot 30 area PoP’s en ongeveer 700 OAP’s.

Point-to-multi-point-netwerken zijn goedkoper en eenvoudiger aan te leggen dan point-to-point, want, hoewel er OAP-straatkasten nodig zijn, zijn er minder kabels en minder PoP’s nodig. Bovendien is de operator goedkoper uit met de vereiste PON-apparatuur vergeleken met AON-apparatuur.

Nadelen

Helaas heeft point-to-multi-point ook een aantal belangrijke nadelen: naast dat de vereiste PON-techniek de eerder genoemde nadelen heeft, komt er nog een ander belangrijk punt kijken en dat is dat er ten opzichte van point-to-point minder concurrentie mogelijk is (zie verderop bij Full-(G)PON en concurrentie op operatorniveau).

Nog een mogelijk nadeel van point-to-multi-point is dat er een grote hoeveelheid kleine straatkasten moeten worden gebouwd, dichtbij woningen die het straatbeeld kunnen vervuilen. Bij AON worden er slechts grotere area PoP’s opgesteld op plekken waar er genoeg ruimte is en waar ze niet teveel in het zicht staan.

Dit zijn samengevat de (overige) nadelen van point-to-multi-point:

  • Geen concurrentie mogelijk op operatorniveau (ODF-niveau);
  • Een extra las nodig vanwege de OAP;
  • Straatkasten nodig (maar wel veel minder area PoP’s);
  • Er is PON vereist, met zijn eigen nadelen (o.a. lagere maximale snelheden op piekmomenten, omdat het signaal wordt gedeeld met andere gebruikers en moeilijker eigen apparatuur te gebruiken);
  • Op moment van schrijven (juni 2021) is er nog geen opklikbare ONT verkrijgbaar (althans momenteel, 2021). Dat zou een iets fraaiere afwerking hebben in plaats van twee of nog meer losse kastjes.
De toekomst is full-PON

Bij AON zit je uiteraard altijd vast aan point-to-point. Immers, omdat elke aansluiting zijn eigen actieve optische aansluiting in de PoP moet hebben, moet er ook een eigen glasvezel helemaal vanaf de PoP naar de eindaansluiting lopen.

PON daarentegen is in principe bedoeld voor point-to-multi-point netwerken, waarbij het signaal gesplitst wordt buiten de PoP. Dit heet dan “full-(G)PON”, ook wel “(G)PON 2” genoemd. Echter, PON kan ook geïnstalleerd worden als het netwerk point-to-point is. De optische splitter bevindt zich dan in de area PoP (de OAP in de PoP dus). Er zijn dan geen kostenvoordelen in de vorm van minder PoP’s en kabels, dus alleen de goedkopere PON-apparatuur in de PoP blijft dan over als voordeel voor de operator.

De mogelijkheden van een glasvezelnetwerk van KPN Netwerk zijn dus:

  • Point-to-point met AON,
  • Point-to-point met (G)PON (ook wel GPON 1 genoemd)
  • Point-to-multi-point met (G)PON (ook full-GPON of GPON 2 genoemd),

waarbij de laatste het goedkoopste is, zowel voor de netwerkbeheerder als de operator (zowel in aanleg, onderhoud en bedrijf).

KPN Netwerk heeft voorheen eigenlijk alleen point-to-point aangelegd. Echter, vanaf 2020 worden er ook nieuwe PON-projecten opgestart volgens point-to-multi-point. Vanwege de grote voordelen van full-GPON voor zowel netwerkbeheerder als operator kiest KPN Netwerk in de toekomst, 2021 en verder, waarschijnlijk (en helaas) alleen nog voor full-GPON/point-to-multi-point. Naast de splitter in de OAP wordt hierbij meestal gebruik gemaakt van nog een extra splitter in de PoP. Het signaal wordt dan bijvoorbeeld eerst in twee signalen gesplitst in de PoP en vervolgens in 16 signalen in de OAP voor een gezamenlijke splitterratio van 1:32. In de toekomst kan men dan de splitter in de PoP weghalen als er een betere splitterratio vereist wordt van 1:16.

Distributiepunt (DP)

De glasvezelkabel die je huis binnenkomt (zie onder voor types) loopt niet direct naar een PoP (bij AON) of een OAP (bij PON). Eerst gaat deze naar een distributiepunt (DP). Dit is een ondergrondse box waar de glasvezelkabels van de huisaansluitingen op gelast zitten. Deze worden één op één verbonden met de vezels in een dikkere (meestal 96-voudige) kabel.

De DP’s van KPN Netwerk zijn geschikt voor het lassen van 48 huisaansluitingen via de dunnere kabels. Per twee DP’s is er dus meestal één 96-voudige kabel die vanuit de area PoP of the OAP naar die twee DP’s loopt, waar dus ook 96 adressen op kunnen worden aangesloten (48 eindaansluitingen per DP dus). Voorheen werden er twee vezels aangesloten per adres, met dus één 96-voudige kabel per DP. Er bestaan ook 48-voudige kabels, met dus weer één DP per kabel. Men legt het netwerk zo aan dat er per DP een minimale bezetting is van zo’n 40 aansluitingen (want in een straat of wijk komt het natuurlijk vaak niet uit dat hij altijd precies vol zit).

Een andere veelgebruikte mogelijkheid is een DP binnenin een (flat)gebouw. Een of meer 96- of 48-voudige kabels lopen dan vanaf de area PoP of de OAP direct naar een gebouw. In de technische ruimte, een verdeelkast of bijvoorbeeld aan een muur in de kelder, komt dan een inpandige DP. Deze heeft de vorm van een muurkastje waarvandaan de kabels binnendoor naar alle appartementen gaan. In plaats van de 6 mm dikke DAC-kabels kan hiervoor gekozen worden voor een dunnere en flexibelere variant, aangezien ze niet onder de grond komen te liggen en het dus niet erg is als ze wat kwetsbaarder zijn. Het voordeel hiervan is uiteraard dat ze eenvoudiger door muren en vloeren doorgevoerd kunnen worden.

In een enkel geval wordt er gekozen voor bovengrondse DP’s in de vorm van straatkasten, zoals in Hilversum en Amersfoort: Barre73 in "[KPN Netwerk - Glasvezelnetwerk] Aanleg en onderhoud" Zelfs als een netwerk AON is kun je dus toch straatkasten in de omgeving tegenkomen, al komt dit niet vaak voor.

Speciale PON-technieken

Het aggregeren (“multiplexen”) van signalen, splitsen en vervolgens weer “demultiplexen” bij PON vormen een schakel van speciale technieken, specifiek voor PON. De OLT, de OAP en de ONT zijn drie onderdelen in deze schakel die bij PON van belang zijn. Vandaar dat we ze hier nog een bij elkaar zetten.

Optical Line Terminal (OLT)

Een OLT is het stukje hardware in de area PoP waarop het beginpunt van de glasvezel in de area PoP is afgemonteerd bij een PON-netwerk. Het verzorgt het multiplex-proces om het signaal geschikt te maken voor de ONT’s bij de eindgebruikers, via de PON-splitter verderop, hetzij in een straatkast, dan wel in de PoP zelf.

Optisch aggregatiepunt (OAP)

Bij een passive optical network (PON) zit de optische splitter in een straatkast welke een optisch aggregatiepunt wordt genoemd (OAP). Het splitsen van het signaal gebeurt passief, dus zonder stroom te gebruiken, waardoor de straatkasten klein en onopvallend kunnen blijven. Eén vezel kan met de huidige technologie tot in wel 256 eindgebruikervezels gesplitst worden, maar vooralsnog houdt men het meestal bij een splitterratio van 1:16 of 1:32. Er lopen dus slechts zo’n 20 tot 40 glasvezels van de OAP naar de area PoP. Vanuit de OAP worden daarmee zo’n 700 huishoudens bediend.



Een OAP straatkast (rechts naast de coax-straatkasten).


Een OAP van binnen.

Optical Network Termination (ONT)

De ONT is de PON-variant van de NT (zie verder bij hardware).

De hardware bij de eindgebruiker

Kort gezegd zit de glasvezel van je huisaansluiting afgemonteerd op een FTU. Daarop wordt een NT of ONT aangesloten, of een patchcover. Zie hier voor plaatjes en veel gedetailleerdere omschrijving: Barre73 in "[KPN Netwerk - Glasvezelnetwerk] Aanleg en onderhoud" Hieronder alleen een algemene uitleg van de verschillende soorten hardware waar je als klant mee te maken krijgt.
Wat er voor soort apparatuur aan de klantzijde aan de muur hangt (verder uitgelegd hierna) is afhankelijk van het type netwerk:

Bij AON:

FTU → NT(U) (opklikbare mediaconverter) → router

Of:

FTU → patchcover → NT(U) (mediaconverter) → router **

Krijg je internet via AON dan krijg je op je FTU een NT gemonteerd of je krijgt een patchcover (als deze beschikbaar is) en een losse media converter. Dit ligt een beetje aan je provider.

Bij GPON:

FTU > patchcover → ONT (mediaconverter) → router **

Bij GPON heb je bij KPN dus nog geen opklikbare ONT. Dat zou in de toekomst best kunnen veranderen. Voor XGS-GPON heb je er al wel een (van het merk Genexis).

**) De mediaconverter en de router kunnen hierbij ook in één apparaat verenigd zijn. En dat ligt er ook aan of je de mediaconverter inderdaad als router gebruikt (of dat deze slechts als mediaconverter dient en je een eigen aparte router hebt). Dit is ook meestal zo bij het gebruik van eigen apparatuur (een daarvoor geschikte router met SFP module, zie verderop bij Eigen apparatuur.)

De glasvezelkabels

De dikke kabels die je tijdens de aanleg ziet liggen zijn de 96-voudige (96-vezelige) kabels die op DP’s of OAP’s worden aangesloten. Als eindgebruiker krijg je echter alleen te maken met de dunne (bij KPN Netwerk oranje) kabels. Dit zijn tweevezelige DAC’s (Direct Access Cable), bij KPN gefabriceerd door TKF (Twentse Kabelfabriek, zie https://www.tkf.nl/en/411-dac-sm-9125/75098). Deze maakt ook de TK-01 FTU.


De dikke 96-voudige kabels en de dunne tweevoudige kabels.

Fiber Termination Unit (FTU)

Een fiber termination unit (FTU) is een klein kastje dat het uiteinde van de glasvezelkabel beschermt en een mogelijkheid biedt om een verbinding te maken met de glasvezelapparatuur. Wat voor soort netwerk er is maakt niet uit; er hangt altijd een FTU aan de muur. De FTU is analoog aan het ISRA-punt bij het kopernetwerk.

Alles wat direct op de FTU aangesloten moet worden wordt meestal geïnstalleerd door een monteur. De reden hiervan is dat er veel verschillende FTU’s zijn en het qua logistiek blijkbaar lastig is om altijd de juiste NT, ONT of patchcover op te sturen naar de klant. Anders dus dan bij koperlijnen (coax of telefoonlijn) waarbij je een modem toegestuurd krijgt die je zelf kunt aansluiten. De glasvezelprovider stuurt meestal wel een router op (die ze soms “modem” noemen, omdat mensen die term nog kennen van DSL en kabelinternet over koper).

De momenteel gebruikte FTU door KPN Netwerk is de TK-01. Er kunnen twee vezels op worden gelast, maar sinds 2016 wordt er maar één vezel afgewerkt per aansluiting. Voor die tijd werden twee vezels afgewerkt op een DP en dus helemaal naar de PoP gelegd, als een reserveaansluiting.



De TK-01.


Maar je komt ook nog de TY-01 tegen.


Of een Genexis FTU.

Patchcover

Een patchcover (of patchkap) is een eenvoudig kapje voor over de FTU heen dat zorgt dat je er een glasvezel patchkabeltje in kunt steken (SC/APC). Dit zorgt ervoor dat je ook NTU’s en ONT’s kunt aansluiten die niet speciaal ontworpen zijn om op de betreffende FTU geklikt te worden. Ook eigen glasvezelapparatuur (SFP-modules) kun je hiermee aansluiten. Voor de verschillende FTU’s zijn patchcovers te koop via de KPN-webshop, bijvoorbeeld voor de TK-01: https://www.kpnwebshop.co...atchcover-kit-ftu-tk01/2# (let op het plaatje op de webshop klopt helaas niet). Deze is ook door TKF gemaakt, zie https://www.tkf-telecom.eu/566046.html (waarbij het plaatje wel klopt).

Mediaconverter

Een mediaconverter is een apparaat dat het optische glasvezelsignaal omzet in een elektrisch signaal. Afhankelijk van of het netwerk AON is of PON heb je een NTU of een ONT, achtereenvolgens.

Overigens, als je deze afkortingen goed bekijkt zijn ONT en NTU min of meer dezelfde termen. Het is dus niet strikt zo dat de term NTU altijd bij AON hoort en de term ONT altijd bij PON. Bij PON is de terminologie wel meestal ONT, en je zou dus kunnen zeggen dat NT dan de algemenere term is voor een mediaconverter, zowel voor AON als PON. KPN gebruikt ook de term NT voor allebei, wat dus eigenlijk ook correct is.

NT(U) (mediaconverter)

De network termination unit (NT of NTU) is een apparaat dat het optische signaal omzet in een elektrisch signaal. Op de NT zit een normale RJ-45 netwerkpoort die geschikt is om een router op aan te sluiten via ethernet, en daarmee de rest van het lokale (thuis)netwerk. Dit kan met een gewone netwerk patchkabel. De NT Het is een beetje vergelijkbaar met wat in de volksmond bekend staat als een modem, alleen staat ‘modem’ voor modulatie/demodulatie (van frequenties) en dat doet het apparaat niet. Een NT zet slechts het optische signaal om (vandaar de term mediaconverter).

De NT is vaak “opklikbaar” op de FTU. Met andere woorden het is een kastje dat speciaal gefabriceerd is voor een specifieke FTU. Niet elke provider gebruikt een opklikbare NT/mediaconverter. T-Mobile bijvoorbeeld niet. Die gebruiken al sinds jaren voor elke aansluiting een patchkabeltje naar een aparte mediaconverter. Voor hen is dat logistiek makkelijker omdat ze anders drie soorten NT moeten bijhouden aangezien er drie verschillende soorten FTU's in het KPN Netwerk-netwerk zitten. Zie Barre73 in "[KPN Glasvezel] Ervaringen & Discussie - Deel 3" .

Er kan naast ethernet ook een TV-signaal via een coaxaansluiting zitten op de NT. Dit komt alleen heel weinig voor. En het kan alleen via een andere operator dan KPN WBA, want die biedt dat zelf niet aan. Alleen Trined in delen van Brabant en Jonaz in Amersfoort en Almere bieden dat aan.

ONT (mediaconverter)

De optical network terminator of optical network terminal (ONT) of soms optical network unit (ONU) is de PON-tegenhanger van de NT(U): een mediaconverter voor PON-netwerken dus. Naast het omzetten van het optische signaal in een elektrisch signaal zorgt de ONT dat uit het gedeelde glasvezelsignaal jouw eigen signaal wordt gefilterd (bij GPON middels TDMA).

Momenteel, mei 2021, is er nog geen opklikbare variant van een ONT voor op de FTU voor GPON. Deze zal dus via een patchcover worden aangesloten met een glasvezel-patchkabeltje. Voor XGS-GPON, waar KPN in 2021 proeven mee aan het doen is en gedeeltelijke uitrol, is deze er al wel (opklikbaar op de TK-01). Dit is de Genexis XGS2110.

Router

Een router zorgt voor het routeren van je netwerkverkeer over je internetverbinding. Zo kun je met meerdere apparaten het internet op. Een firewall zit er ook vaak op om je netwerk te beschermen tegen ongewenste indringers. Zie Wikipedia: Router. Bij glasvezel kan de router onderdeel uitmaken van de NT(U) of de ONT (oftewel de mediaconverter).

Eigen apparatuur
AON

Als je bij een AON-glasvezelverbinding je eigen router wilt aansluiten kan dat. De mediaconverter van je provider moet dan niet reeds zelf als router dienstdoen. Mogelijk is daarvoor het router-deel uit te schakelen (bridge-modus).

Wil je tevens een eigen mediaconverter gebruiken dan kan dat eenvoudig bij AON. Je kunt dan zelf een Gigabit over Fiber "GoF"-verbinding instellen. Je moet daarbij de NT(U) vervangen voor een SFP-module (Gbic) in je eigen router. KPN heeft op de website staan wat hiervoor de vereisten zijn: https://www.kpn.com/servi...nstellen-en-gebruiken.htm.

PON

Voorheen was het bij een PON-verbinding niet mogelijk een SFP/Gbic gebruiken omdat KPN dat niet wilde met als reden dat de ONT een intrinsiek onderdeel van het PON-netwerk zou zijn, waarbij het signaal met TDMA geschikt wordt gemaakt voor meerdere gebruikers (i.c.m. de optische splitsing). Het filteren van de “eigen” data uit het TDMA-signaal vereist de juiste (encryptie)gegevens die KPN WBA daarom niet wilde vrijgeven. Zie Soundwork in "[KPN Glasvezel] Ervaringen & Discussie - Deel 3"

Echter, na een uitspraak van de ACM is het vanaf januari 2022 mogelijk om deze apparatuur toch zelf te kunnen vervangen voor eigen hardware. Dit na jaren van strijd tussen de ACM en de providers: review: Vrije modemkeuze is een feit - Na jaren strijd delen providers specif....

De verschillende partijen bij glasvezel

Verschillende partijen zorgen voor het beheer en de exploitatie van een glasvezelnetwerk: de netwerkbeheerder, verschillende netwerkoperators en verschillende internetproviders. Ze zijn eerder al langsgekomen hier, maar hieronder zetten we ze nog eens op een rijtje.

Netwerkbeheerder

De netwerkbeheerder (KPN Netwerk in dit geval) beheert alle infrastructuur, dus kabels van de City PoP’s naar de area PoP’s, van de area PoP’s naar de huisaansluitingen, inclusief de afmontering op de FTU. Vanzelfsprekend is ook de rest van de infrastructuur (PoP-gebouwen, DP’s, OAP’s) van KPN Netwerk, en vaak ook een city ring van glasvezelkabels tussen de city PoP’s. De netwerkbeheerder beheert alleen deze infrastructuur, en heeft dus geen actieve apparatuur. Ze leveren alleen zogenoemde “dark fiber”.

Netwerkoperator

De netwerkoperator is de partij die daadwerkelijk apparatuur in de PoP’s plaatst om de glasvezel te kunnen gebruiken. Hiermee wordt er dus voorzien in (“DSLAM”)-apparatuur die op de ODF wordt aangesloten. Daarnaast moet de operator zorgen voor een backhaulverbinding met het internet in alle city PoP’s, alhoewel een operator ook gebruik kan maken van de city ring waardoor die verbinding eigenlijk slechts naar één city PoP hoeft.

KPN’s eigen operator is KPN WBA (KPN Wholesale Broadband Access). KPN kan ook andere operators toelaten op haar netwerk. Die moeten dan dus ook de mogelijkheid geboden worden om hun eigen hardware te plaatsen in de PoP’s (ze kunnen dan “colocatie” afnemen https://www.kpn-wholesale.../breedband/collocatie.htm bij KPN Netwerk). Bij het op deze manier openstellen van hun netwerk kunnen operators dus op ODF-niveau diensten aanbieden. Operators hebben dan “ODF-toegang” (hier op het forum wordt vaak voor het gemak gezegd dat een aansluiting dan een “ODF-aansluiting” is, hoewel er altijd een ODF gebruikt wordt, ook bij een gesloten netwerk). Meerdere operators toegang verlenen tot de ODF kan uiteraard alleen maar bij point-to-point-netwerken. Bij point-to-multipoint kan het niet, want in de OAP’s zijn alle vezels maar van één operator. De actieve vezels (op ODF-niveau) worden immers gedeeld met meerdere adressen via de OLT, en dus kunnen er op individuele adressen geen verschillende operators leveren.

De ACM besloot tot de verplichting van deze openstelling per 1 oktober 2018, maar de rechter heeft dit besluit vernietigd in 2020: nieuws: KPN en VodafoneZiggo hoeven netwerk niet open te stellen voor andere ....

Operators die (naast KPN WBA) leveren op KPN netwerken zijn o.a. Cambrium, Glasoperator* en Jonas.

*) 100% in handen van T-Mobile, waarbij het levert onder het merk/provider T-Mobile Thuis (daarvoor was Glasoperator in handen van Vodafone (Libertel) met het merk “Vodafone Thuis”, maar het moest toen verplicht verkocht worden vanwege de fusie van Vodafone met Ziggo).

Het verschilt nu per KPN Netwerk-netwerk welke operators zij toelaten middels colocatie. Wel is KPN nu actief begonnen met het aanleggen van meer point-to-multi-point PON-netwerken. Dit biedt KPN kostenvoordelen, maar er speelt nog iets. Omdat deze netwerken dus niet kunnen worden opengesteld bieden ze zo een natuurlijk alleenrecht voor KPN op het gebruik van het netwerk. Dit vermindert de mogelijkheden tot concurrentie op operatorniveau, ook in de toekomst (zie ook verderop bij Full-(G)PON en concurrentie op operatorniveau).

Internet Service Provider (ISP)

De internet service provider biedt internetabonnementen aan eindgebruikers aan, gebruik makend van de apparatuur van een operator, waarbij de benodigde diensten daarbij worden ingekocht. KPN’s eigen ISP is uiteraard de provider onder het merk KPN die alleen onder de operator KPN WBA levert. Daarnaast heb je nog andere KPN-merken zoals Telfort en XS4All, maar deze worden of zijn al uitgefaseerd. Er is ook nog Solcon, sinds 2017 van KPN, dat levert in buitengebieden.

Veel andere providers die niet van KPN zijn leveren ook onder KPN WBA, zoals T-Mobile, Budget, Online.nl en Oxxio.

Providers of merken die voornamelijk via andere operators leveren (op het netwerk van KPN Netwerk) zijn:

  • Tweak, Freedom (operator Cambrium)
  • T-Mobile Thuis (operator Glasoperator)*
  • Jonaz (operator Jonaz)

*) NB: T-Mobile kan dus leveren via KPN WBA op KPN Netwerk, via Glasoperator op KPN Netwerk, en daarnaast hebben ze in sommige gebieden ook nog hun eigen netwerk. Er zijn dus drie varianten van de abonnementen van T-Mobile. Tele2 is ook van T-Mobile, maar via dat merk wordt geen glasvezel meer geleverd.

Het verschilt erg per gebied welke operators en providers er beschikbaar zijn. Sommige providers leveren bijvoorbeeld alleen maar via hun eigen operator; andere ook via KPN WBA. Of ze leveren in het ene gebied via KPN WBA en in een ander gebied via een andere operator. Verder kan het bijvoorbeeld zijn dat sommige providers wel leveren via KPN WBA met AON, maar niet via KPN WBA met GPON, of omgekeerd.

De aanleg

Vanaf het moment van aankondiging door KPN tot aan een opgeleverde aansluiting waarop je een abonnement kunt aanvragen zit meestal meerdere maanden. Er kan ook makkelijk een jaar overheen gaan. De aanleg is hierbij niet zozeer klantgericht en wensen van de eindgebruiker moeten vaak enigszins afgedwongen worden. KPN heeft er nu eenmaal voor gekozen zo snel mogelijk een zo groot mogelijk netwerk te bouwen waarbij het meest effectief gewerkt kan worden als aannemers en onderaannemers binnen een bepaald kader zelf zo snel en efficiënt mogelijk aansluitingen opleveren.

Helaas komen de specifieke wensen van de uiteindelijke klant, zoals rekening houden met interne bekabeling en gebruik, daarbij niet altijd op de eerste plaats. Hieronder schetsen we het hele proces van de aanleg en maken duidelijk waar je op moet letten als eigenaar van een woning waar glasvezel aangelegd wordt. Bewapend met alle kennis uit de voorgaande paragrafen kun je hiermee goed beslagen ten ijs komen om je belangen te behartigen bij de aanleg (en die van je medebewoners of toekomstige bewoners van je huis).

De glasvezelinfrastructuur is bedoeld om decennialang, zo niet eeuwenlang, in jouw gebouw te blijven zitten en daar zijn werk te doen. Het is dus verstandig om bij het besluiten over de aanleg niet over één nacht ijs te gaan!

Schouwen en het installatiedocument

Voor de aanleg komen de mensen van KPN Netwerk eerst schouwen bij elk aan te sluiten adres. Er wordt vervolgens een installatiedocument opgesteld dat moet worden getekend door de eigenaar en (een afdeling van) KPN Netwerk. Voor appartementen met een vereniging van eigenaren (VvE) moet het bestuur van de VvE tekenen. Als eigenaar of bestuurder kun je prima in overleg treden met KPN als je dit document wilt wijzigen voordat je het tekent. Vaak kan dit het beste met de onderaannemer die het werk gaat uitvoeren. Bijvoorbeeld als je de kabel via een bepaald tracé wilt laten lopen, of als je de FTU op een bepaalde plek wilt. Let op: de aannemer kiest meestal de makkelijkste weg voor deze afwerking; dat kan prima zijn, maar is vaak ook niet optimaal voor jou als eigenaar, bewoner of voor het aangezicht in de straat. Zie verder hier.

In de praktijk wordt het installatiedocument vaak opgesteld door de onderaannemer die het werk uitvoert. Die heeft er het beste zicht op, maar heeft er ook belang bij om het werk zo goedkoop mogelijk uit te voeren. Dit is soms, maar zeker niet altijd, de beste oplossing. Ben je eigenaar van een pand dan is dit dus wel iets om rekening mee te houden. De onderaannemer is echter altijd afhankelijk van de eigenaar om toestemming te krijgen, dus de wensen van de eigenaar worden meestal wel ingewilligd. Eigenaren of bestuurders moeten dus bedenken wat voor hen de beste locatie is voor de FTU en in overleg met de aannemer een installatiedocument opstellen waar alle partijen achterstaan.

Als KPN Netwerk besluit glasvezel aan te leggen in een bepaald gebied, dan is de aansluiting gratis voor de eindgebruiker als deze ook wordt afgewerkt met een FTU tijdens de aanlegfase van het netwerk. Geef je geen toestemming voor de aanleg in huis en teken je dus het installatiedocument niet tijdens de aanlegfase van het netwerk, dan moet je later de eventuele aanleg zelf bekostigen.

KPN Netwerk heeft voor de plaatsbepaling van de FTU een programma van eisen (PvE) waaraan in principe voldaan dient te worden (maar indien goed gemotiveerd kun je hier altijd van afwijken):

Graafwerkzaamheden

KPN Netwerk werkt als opdrachtgever voor alle werkzaamheden samen met aannemers en onderaannemers. De graafwerkzaamheden worden gedaan door de aannemers die de civiele taken uitvoeren. De aannemers die de aanleg in de gebouwen afmonteren zijn vaak weer andere aannemers.

De aannemers van KPN Netwerk beginnen na het besluit om glasvezel aan te leggen in een bepaald gebied met het graven van de 96-voudige glasvezelkabels van de area PoP’s naar de DP’s of de OAP’s. En ook van de city PoP’s naar de Area PoP’s of tussen de PoP’s.

Bij een point-to-multi-point-netwerk gaan de 96-voudige kabels eerst naar de OAP’s en dan naar de DP’s (er is dus een extra las nodig op de aansluiting). Voor point-to-point-netwerken zijn uiteraard geen OAP’s nodig. De kabels lopen dan direct van de area PoP naar de DP’s.

Vanaf de DP’s worden losse DAC-kabels gelegd naar de aansluitpunten (FTU’s) bij de eindgebruikers. Dit zijn de tweevoudige kabels die (net als de 96-voudige kabels) direct in de grond kunnen. Eerst worden de kabels door de civiele ploeg die dit werk doet opgerold (op gemeentegrond) onder de stoep gelegd, vlakbij het invoerpunt in het gebouw. De civiele partij gaat dikwijls hiermee al aan de slag als het installatiedocument nog niet eens is getekend door de eindgebruiker. Men werkt dan op basis van een voorlopig installatiedocument. Dit kan betekenen dat de kabel vanuit het DP te kort blijkt te zijn, of dat hij op een verkeerde plek onder de grond komt te liggen. Het graafwerk in de straat moet dan opnieuw. Deze werkwijze is uiteraard het risico van de uitvoerders en/of opdrachtgever KPN Netwerk, afhankelijk van wat voor overeenkomsten er zijn gesloten.

Mocht er een kabel te kort zijn terwijl het graafwerk al gereed is dan is het ook nog mogelijk om deze te verlengen middels een reparatiemofje. Dit is door KPN Netwerk echter alleen toegestaan indien het een uitzondering betreft van een enkele woning per DP. Dit om het aantal lassen tussen de PoP en de FTU zo klein mogelijk te houden i.v.m. signaalverlies.

Afwerking van de aansluiting

Bij de verdere afwerking in het gebouw wordt de FTU geplaatst volgens het installatiedocument. Is het klaar dan wordt het signaal getest. Is het signaal goed dan is de aansluiting klaar voor oplevering. Als pandeigenaar (en ook als bewoner) dien je goed te controleren of de oplevering goed is uitgevoerd en gedaan is volgens het installatiedocument. Is er schade gemaakt dan is de aannemer daarvoor verantwoordelijk.

Locatie van de FTU

Meestal wordt de FTU in de meterkast geplaatst. Dit is meestal de beste plek aangezien tegenwoordig overal in huis internet wordt gebruikt, evenals verschillende access points voor Wi-Fi. Vanuit een centraal punt zoals de meterkast is het dan het eenvoudigst om overal waar nodig netwerkkabels heen te trekken. In de meterkast kan dan het beste een patchpaneel komen, zeker als er meerdere aansluitpunten gewenst zijn, en op de locatie in huis kan de kabel afgemonteerd worden met een RJ-45 aansluiting. Voorbeelden en verdere informatie vind je hier: Het grote topic voor nette lan afwerking deel 4.

Ook al is de locatie van de FTU in de meterkast of een andere centrale plek nu misschien nog niet optimaal, bedenk dat dat in de toekomst kan veranderen. Als je na een verbouwing met glad gestucte muren nog steeds met een FTU in je woonkamer zit, dan kun je daar spijt van krijgen. En het gaat dan niet alleen om de FTU; je ontkomt er namelijk niet aan een bende apparatuur bij het aansluitpunt te krijgen (de NTU of de ONT, een router, meerdere voedingsadapters, eventuele switches en overige netwerkapparatuur)). Sowieso zal er om de zoveel tijd (door jou of een volgende bewoner) weleens een nieuw verfje op de muur geschilderd worden. Als dan de FTU eraf gehaald moet worden kan deze beschadigen met hoge kosten voor reparatie door KPN Netwerk.

Tevens kan het centraliseren van je netwerkapparatuur bij een FTU in de woonkamer of een andere hoek van je huis minder efficiënt zijn. Een hoek van je woonkamer is immers vaak geen centraal punt, waardoor je Wi-Fi access point daar vaak niet optimaal zijn werk doet en het ook niet makkelijk is om een netwerkkabel te leggen naar een access point op een andere centrale plaats.

Denk bij plaatsing (in de meterkast, technische ruimte, of andere optimale plek) ook aan de juiste plek op de muur waar de FTU moet komen. Vaak is dit op een plek waar ook je router komt te staan en overige netwerkapparatuur en deze andere meterkastapparatuur niet in de weg zit. Ook dit kun je afspreken in het installatiedocument.

Herplaatsen van de FTU nadien is wel mogelijk, mits er genoeg extra glasvezelkabel los onder de vloer zit (indien de FTU hoger moet) of genoeg plek om de overtollige glasvezel kwijt te kunnen (indien de FTU lager moet). Eventueel kun je dit zelf doen, maar het is af te raden, omdat je hoge kosten maakt (minstens enkele honderden euro’s) indien KPN Netwerk een gebroken kabel moet repareren. Je kunt het natuurlijk wel proberen als je het toch gedaan wilt hebben en dus het risico wilt nemen.

Bepaal zelf de juiste afwerking en dwing deze af bij KPN Netwerk

Het is voor jou als eigenaar van belang om de optimale locatie van de FTU en het tracé daarnaartoe te krijgen. Helaas kiest (de aannemer van) KPN dikwijls voor de makkelijke weg: de glasvezelkabels worden van onder de grond direct door de woonkamergevel heen geboord en in de woonkamer geplaatst. Bij appartementencomplexen komen dan zelfs vaak dikke kabelgoten over de buitengevel te lopen, wat geen fraai gezicht geeft. Bij elk appartement op elke verdieping wordt dan een gat geboord door de gevel (ook als bewoners niet thuis zijn) en steekt men de kabel naar binnen. Op een later tijdstip wordt vervolgens een afspraak gemaakt om de FTU te komen monteren.

Als deze werkwijze niet gewenst is dan ligt het initiatief bij de eigenaar of het VvE-bestuur om het installatiedocument te wijzigen. Mogelijk is het aanbrengen van kabelgoten op de voorgevel zelfs vergunningsplichtig. Het is dus belangrijk om dit eerst goed uit te zoeken voordat het installatiedocument getekend wordt.

Oplevering

Voordat er een abonnement aangevraagd kan worden bij een gewenste provider moet de lijn eerst opgeleverd worden. De aannemer van KPN komt daarvoor altijd het signaal doormeten, zodat men zeker is dat de lijn werkt.

Het is mogelijk dat de aansluiting nog niet binnenshuis wordt gemaakt maar in een ondergronds kastje vlakbij je huis eindigt. Dit kastje wordt een Buiten Overname Punt (BOP) genoemd. Met deze manier van “aansluiten” hoeven bewoners niet thuis te zijn voor de aanleg. De glasvezel wordt daarmee in feite “half” opgeleverd en de BOP wordt dan ook eerst doorgemeten, waarna de lijn wordt vrijgegeven om er diensten op aan te vragen. Pas als men dit doet en er dus daadwerkelijk een aansluiting gewenst is wordt de BOP weer blootgelegd en een patchkabel van de BOP naar het huis gelegd, waar de FTU wordt aangesloten zoals gewoonlijk. Een nadeel hiervan is wel dat er een extra verbinding met patchkabel nodig is (van de BOP naar de FTU en van de FTU naar de apparatuur), wat tot enig signaalverlies leidt. Volker Wessels gebruikt deze manier van aanleggen.

Aandachtspunten bij VvE’s

Bij normale woonhuizen is de eigenaar uiteraard degene die het installatiedocument tekent en dus kan beslissen waar de FTU komt en hoe de glasvezelkabel binnenshuis en op het erf wordt aangelegd. Bij appartementencomplexen is de VvE de eigenaar van het hele gebouw, dus ook van de gemeenschappelijke ruimten en gedeelten van het gebouw. Dat betekent dat voor alle gevels, vloeren, gemeenschappelijke trappenhuizen, kelders, kruipruimten enz. de VvE mag bepalen of en waar er kabels mogen lopen. Het VvE-bestuur moet dientengevolge tekenen voor de aanleg, middels het installatiedocument.

Toestemming krijgen voor de aanleg van de leden

Wanneer het VvE-bestuur het beste kan tekenen voor installatie ligt er een beetje aan hoe zeker het is dat de voorgenomen aanleg geaccepteerd zal worden door de algemene ledenvergadering (ALV) van de VvE. De ALV is het hoogste bestuursorgaan van de VvE en kan bij voldoende stemmen een onjuist genomen besluit van het bestuur terugdraaien, wijzigen of een bestuurder aansprakelijk stellen voor bepaalde geleden schade, bijvoorbeeld als men het achteraf helemaal niet eens was met glasvezelaanleg, om wat voor reden dan ook.

Wil de VvE dus zeker van haar zaak zijn, dan is het het beste om een ALV te organiseren waarin besloten wordt hoe de aanleg gedaan zal worden. Gaat het om een kleine VvE, waarbij het wel zeker is dat alle leden in zullen stemmen met de glasvezelaanleg op de voorgestelde manier van het bestuur, dan kan het bestuur ook zonder ALV tekenen. Hoe dan ook is het altijd belangrijk om alle leden goed te infomeren over de komst van glasvezel. KPN zelf is hier niet echt sterk in, dus is het aan de leden van de VvE om de toestemming en de aanleg in goede banen te laten verlopen.

Bij het organiseren van een ALV (‘de vergadering’) is het zeer raadzaam om vooraf te bepalen wat de beste manier van aanleggen is. Eventueel kan een conceptversie van het installatiedocument worden voorgelegd aan de vergadering, waarbij deze vooraf als vergaderstuk wordt ingebracht. Op de vergadering zelf kan, als het bestuur het vertrouwen geniet van de leden, wat meestal zo is, gestemd worden om het bestuur goedkeuring te geven om het installatiedocument te tekenen. Deze goedkeuring kan eventueel binnen bepaalde kaders gegeven worden, bijvoorbeeld op basis van het concept installatiedocument. Is het document duidelijk in grote lijnen dan kan tevens worden besloten dat over alle verdere kleinere wijzigingen het bestuur gemachtigd wordt te beslissen. Dit wordt dan het vergaderbesluit.

De ALV kan eventueel ook stemmen over eventuele details van het document, bijvoorbeeld als er meerdere tracés mogelijk zijn. Te adviseren is echter om het optimale tracé al voor de ALV al helemaal duidelijk te hebben (zie verder).

De voorbereiding

Het is belangrijk om zelf initiatief te nemen als VvE en om als bestuur volledig transparant te zijn naar de leden. Direct na de aankondiging van KPN dat er glasvezel komt kan het bestuur een bericht schrijven aan alle leden met uitleg over de te nemen stappen (in wezen het aanlegproces zoals beschreven in dit hoofdstuk). De mogelijke tracés kunnen hierin ook besproken worden en dat er een ALV plaats zal vinden waarin over de aanleg gestemd zal worden.

Het verdient aanbeveling om een projectgroepje van leden (vaak het bestuur zelf) te vormen waarin alle voorgestelde tracés worden besproken. Het werkt het meest voortvarend als het bestuur (in samenwerking met deze projectgroep) vóór de ALV zelf aangeeft wat waarschijnlijk het optimale tracé is en dus de vergadering maar één alternatief voor te leggen. Dit kan bijvoorbeeld door in de beginfase een informele inventarisatie naar de voorkeuren onder de leden te doen, zodat al duidelijk is dat iedereens bezwaren en voorkeuren meegenomen zijn en er dus positief zal worden gestemd op de ALV.

Is het gewenste tracé eenmaal bekend, dan is het een goed idee om direct met de aannemer (via KPN Netwerk) in contact te treden zodat de wensen kenbaar gemaakt kunnen worden. Wacht men te lang en zijn de graafwerkzaamheden in de straat al van start gegaan, dan heeft KPN Netwerk waarschijnlijk zelf al een installatiedocument opgesteld. Moet deze daarna toch worden gewijzigd dan is het mogelijk dat de stoep op een later moment weer opnieuw open moet om de kabels opnieuw te trekken naar het DP, wat meer kosten met zich meebrengt voor de aannemer en ongemak voor de bewoners.

Met de (onder)aannemer kan het gewenste tracé worden besproken zodat deze dan het installatiedocument kan opstellen. Daarna kan in overleg alles aangepast worden zodat het bestuur en de projectgroep er volledig achter staat. Eventueel kunnen de leden nog eens informeel geconsulteerd worden over verdere details (per e-mail of een online formulier bijvoorbeeld).

Is het tracé bepaald, dan kan er een vergadering ingepland worden, volgens de vereisten van het splitsingsreglement.

Bepaling van het tracé door het VvE-bestuur

Bedenk als VvE-bestuur goed welk tracé de glasvezelkabels moeten nemen, zeker als het installatiedocument door de (onder)aannemer zelf al is opgesteld. Het is in het belang van de aannemers om de makkelijkste weg te kiezen, zeker als het om veel adressen gaat. Teken dus niet zomaar en ga na wat het beste plan is. Zijn er grote aanpassingen nodig, verzoek dan om zelf het installatiedocument aan te passen. KPN Netwerk of de aannemer stuurt dan het document op per mail waarna je het naar wens kunt aanpassen. Bedenk: het is een overeenkomst waar beide partijen achter moeten staan, dus elke partij heeft het recht om zijn eisen erin te verwerken. Denk daarbij aan:

  • Uiteraard het tracé. Maak het gewenste tracé voldoende duidelijk, met duidelijke omschrijvingen, tekeningen en eventueel foto’s. Denk hierbij ook aan eventuele graafwerkzaamheden op VvE-grond en hoe deze zullen worden uitgevoerd. Denk ook aan de plaatsen waar de muurdoorvoer komt van buitenaf en waar het tracé vervolgens vanaf bijvoorbeeld de kelder verder naar boven gaat. Er zijn vaak stijgleidingen die bedoeld zijn voor dit soort bekabeling welke hiervoor gebruikt kunnen worden en waarmee de kabels volledig uit het zicht gehouden kunnen worden;
  • Met het tracé samenhangend, de optimale plaats van de FTU. Denk aan: hoe centraal is het (voor verbinding met de rest van het pand), zit het in het zicht en zit de bekabeling in het zicht? Het gaat er hierbij niet alleen om wat de optimale plek is voor bewoners van de appartementen nu, maar ook voor de toekomstige bewoners van de eventueel gerenoveerde appartementen in de toekomst; zie ook hier;
  • De afwerking van de plaatsen waar de kabel zichtbaar over muren en plafonds komt te lopen (met wat voor kabelgoten, de grootte en kleur, of moet de kabelbundel in de muur worden weggewerkt?);
  • Aanvullende voorwaarden: wordt de aanleg volgens de juiste wettelijke normen gedaan, en wie is er aansprakelijk bij schade e.d. Over het algemeen is het standaarddocument hierin voldoende voorzien, maar neem het goed door zodat je later niet voor verassingen komt te staan. Er is bijna altijd wel een vorm van schade die verhaald moet worden op de aannemer bij glasvezel-VvE-projecten.

Al deze zaken dien je als VvE tegen elkaar af te wegen. Schakel eventueel een onafhankelijk bouwadviesbureau in die de mogelijke opties kan aangeven. De aannemer zal al snel zeggen dat bepaalde tracés niet mogelijk zijn als deze te duur uitpakken. Een derde partij kan je de zekerheid geven wat er mogelijk is en wat eventueel het beste is. De glasvezelkabel ligt er voor de rest van de levensduur van het gebouw, dus het is voor de waarde van het pand belangrijk dat het optimaal gebeurt.

Huurders

Heeft het appartementencomplex voornamelijk huurders, dan kunnen zij altijd worden verplicht om mee te werken aan de glasvezelaanleg. Uiteraard kan een eigenaar wel bij zijn huurders te rade gaan wat de voorkeuren zijn, voornamelijk m.b.t. de locatie van de FTU.

Het komt weleens voor dat er bewoners zijn van een appartementencomplex die tegen de aanleg van glasvezel zijn, bijvoorbeeld omdat ze de noodzaak niet inzien of genoeg hebben aan hun huidige aansluiting. Zouden deze bewoners hun zin krijgen dan zou dit in veel gevallen gevolgen hebben voor de mogelijkheid tot aanleg voor de woningen die gelegen zijn boven de woningen van de “weigeraars”. Echter, aangezien de VvE het laatste woord heeft in dezen kan het weigeren van de aansluiting van de betreffende bewoners dus meestal terzijde geschoven worden. Wel moet een meerderheid van de overige leden (eigenaren) van de VvE het initiatief nemen om een ALV te organiseren en het installatiedocument te laten tekenen door het bestuur van de VvE.

Informeren van bewoners

Je kunt er niet echt van op aan dat KPN Netwerk of diens aannemers de eigenaars, besturen, bewoners en huurders in voldoende mate informeren tijdens het hele proces. Als bestuur geniet het daarom de voorkeur om altijd de leden zelf goed te informeren over de aanleg. Maak hierover ook duidelijke afspraken met de aannemer (wanneer wordt welk deel van het appartementencomplex gedaan, hoe krijgt de aannemer toegang, zijn er sleutels nodig, etc.).

Full-PON en concurrentie op operatorniveau

Het grootste voordeel van PON is voor de operator: de apparatuur in de PoP’s is een stuk goedkoper. Er is immers maar één actieve aansluiting nodig per tientallen adressen. Is het netwerk ook nog point-to-multi-point (full-PON), dan is de aanleg uiteraard ook een stuk goedkoper.

Op zich een goede zaak, want zo kunnen netwerkbeheerders en operators op een kosteneffectieve manier glasvezelnetwerken aanleggen, beheren en exploiteren. Echter, als je GPON hebt in combinatie met point-to-multi-point is het technisch niet meer mogelijk om per huisaansluiting een andere operator te kiezen zoals bij AON op ODF-niveau.

Dit laatste komt omdat het PON-netwerk maar door één operator gebruikt kan worden. De Area PoP heeft namelijk slechts ruimte voor OLT’s van maar één operator en is daar ook op ingericht. Vanaf daar worden de OAP’s met slechts een beperkt aantal vezels aangesloten. In de OAP-straatkasten is bovendien ook geen plaats om splitters te plaatsen van verschillende operators en zou het bovendien bij een overstap niet praktisch zijn om een aansluiting over te zetten van de ene operatorsplitter naar de andere. Daar kan dus ook geen onderscheid meer worden gemaakt tussen aansluitingen.

Bijna geen concurrentie meer

Met full-GPON en point-to-multi-point zit je dus altijd aan dezelfde operator vast. Dit zal meestal dezelfde partij zijn als de netwerkbeheerder, ofwel tot hetzelfde concern behoren, zoals in dit geval KPN Netwerk en KPN WBA. Doordat KPN Netwerk GPON aanlegt i.c.m. point-to-multi-point zet het elke andere operator buiten spel. Concurrentie beperkt zich vervolgens alleen op providerniveau (mits er dan wel meerdere providers op het netwerk worden toegelaten via KPN WBA).

Dat dit nadelig voor de consument is blijkt wel uit de prijzen die providers hanteren als ze via KPN WBA leveren vergeleken met als ze via hun “eigen” operator leveren. T-Mobile bijvoorbeeld levert (in 2021) via hun eigen operatornetwerk een symmetrische verbinding van 1 Gb/s voor ongeveer €40, terwijl ze dit via KPN WBA niet eens aan willen bieden vanwege de hoge kosten die KPN WBA aan hen doorberekent. Via KPN WBA gaat T-Mobiles aanbod niet verder dan 100 Mb/s (€35). Wel iets goedkoper dus dan hun eigen 1 Gb/s, maar met slechts één tiende van de snelheid. Zie verder bij [T-Mobile Thuis Glasvezel] Ervaringen & Discussie.

De consequenties

Geen mogelijkheden tot concurrentie betekent voor de netwerkbeheerder en zijn operator een extra voordeel van PON i.c.m. point-to-multi-point. Die hebben dan in feite een monopolie op het leveren van glasvezel, in plaatsen waar er geen andere glasvezelnetwerken zijn. In hoeverre de lagere aanlegkosten voor hen de hoofdreden zijn om op dergelijke manier aan te leggen is ook nog maar de vraag. Een extra motivatie om point-to-multi-point aan te leggen kan namelijk het uitschakelen van eventuele concurrentie zijn.

Sinds het eerder aangehaalde nieuws dat KPN zijn netwerk niet meer hoeft open te stellen met een aan banden gelegde prijsstructuur (nieuws: KPN en VodafoneZiggo hoeven netwerk niet open te stellen voor andere ...) zou je kunnen stellen dat ze daarvan toch niets meer te duchten hebben. Echter, als de ACM opnieuw een besluit kan nemen dat openstelling vereist, wellicht in de toekomst, zal dat mogelijk wel het geval zijn. PON kan voor KPN dus een manier zijn om hun netwerk, ook in de toekomst, tegen concurrentie van alternatieve operators te beschermen. (Immers, er kunnen technisch gezien eenvoudigweg geen andere operators op een PON-netwerk.)

De toekomst

KPN gaat vooralsnog wel door met het toestaan van andere providers op hun netwerk via KPN WBA. Dergelijke openstelling op providerniveau biedt hen kennelijk extra inkomsten door doelgroepen te bereiken die ze met hun eigen merken moeilijk kunnen bereiken, bijvoorbeeld de budgetmerken. Uiteraard kan KPN hiermee claimen dat het netwerk open is, aangezien ze andere providers toestaan te leveren, maar levering via KPN WBA is qua openheid maar een schijntje van openstelling op ODF-niveau. Providers zitten namelijk vast aan de voorwaarden en hoge prijzen van KPN WBA, en moeten aan klanten leveren volgens de specifieke snelheidsprofielen van KPN WBA.

Een andere reden dat KPN doorgaat met het leveren aan providers via KPN WBA is mogelijk dat KPN wil voorkomen dat er andere partijen zelf glasvezelnetwerken aan gaan leggen. Door via KPN WBA reeds toegang te verstrekken is het het misschien niet waard voor andere netwerkbeheerders om een eigen aansluiting te maken bij eindgebruikers. De WBA-prijs zal precies op het goede punt liggen dat het voor die beheerders niet loont om dit te doen. Zo kan KPN Netwerk monopolist blijven in gebieden waar alleen KPN WBA actief is.

Concurrentie op operatorniveau zou natuurlijk wel kunnen als andere operators ook hun eigen netwerk zouden bouwen, zoals T-Mobile al doet. Maar maatschappelijk gezien is dat natuurlijk vrij inefficiënt. Alle kostbare graafwerkzaamheden moeten dan opnieuw worden gedaan en het verveelvoudigt de ruimte die het in beslag neemt (op straat, onder de grond en in de meterkast). En dat terwijl er per adres in vrijwel alle gevallen maar één van de aangesloten netwerken tegelijkertijd wordt gebruikt, tenzij je een backupverbinding nodig hebt.

Ook is een passieve glasvezel iets waar technisch gezien maar weinig mogelijkheden tot differentieerbaarheid in zit: een vezel is een vezel en van de ene aanbieder is die niet beter dan van de andere, aangenomen dat het netjes wordt aangelegd. Een glasvezel is eigenlijk een soort nutsvoorziening. Het is dus een verspilling van kapitaal als je zo’n netwerk dubbel gaat uitvoeren. Bovendien wil je op termijn eigenlijk niet slechts twee netwerken, maar nog een derde of zelfs vierde operator-netwerkbeheerder, want met twee krijg je eerder een duopolie. Een drie- of vierdubbele uitrol van glasvezel dus. Dit zou dus ook drie of vier FTU’s in je meterkast betekenen. Op zich niet echt een probleem, maar het wordt er voor de consument niet fraaier en duidelijker op. En het is maar hopen dat de OAP’s dan onder de grond verdwijnen.

KPN is vastberaden om KPN Netwerk overal in het land de grootste netwerkbeheerder te laten zijn en blijven. Dit gaat met strategisch vrij agressieve methoden: gebieden waar KPN niet de eerste is met glasvezel en waar dus al glasvezel ligt van een andere netwerkbeheerder lijken soms zelfs voorrang te krijgen. Zie bijvoorbeeld in Den Haag in 2020: nieuws: T-Mobile vraagt Den Haag aanleg KPN-glasvezelnetwerk stop te zetten. KPN Netwerk is daarmee hard op weg om monopolist te worden, zeker nu Ziggo in de toekomst steeds minder een rol van betekenis zal hebben met de lagere maximale snelheden over coax en de veel grotere overboeking.

Conclusie

Kortom, er kleven voor de consument een aantal grote nadelen aan PON, of eigenlijk vooral aan point-to-multi-point i.c.m. PON, oftewel full-PON. Het nadeel van de mindere toekomstvastheid van PON (omdat je het signaal moet delen met meerdere aansluitingen) is daarbij zeker niet het grootste probleem. Het probleem is dat de keuze tussen operators verdwijnt bij één enkel PON netwerk.

Met de huidige ontwikkelingen smelt de functie van operator zo steeds meer samen met die van netwerkbeheerder. Gezonde concurrentie op landelijk niveau van glasvezelnetwerken is belangrijk. Hoewel dit wellicht onderwerp zou moeten zijn van een ander topic dat zich niet specifiek richt op KPN Netwerk, willen we hier toch beklemmen dat het zeker in het voordeel van de consument zou zijn als men zo snel mogelijk toch doorgaat met het aanleggen van AON in plaats van GPON.

Het lijkt er echter naar uit te zien dat full-PON voorlopig toch de overhand krijgt. Eén lichtpuntje is er wel: door de lagere aansluitkosten die de PON-techniek biedt is wellicht de drempel voor andere glasvezelaanbieders lager om een eigen netwerk te bouwen. Concurrentie op huisaansluitingen (op netwerkbeheerderniveau) is daarbij zoals gezegd zeker niet ideaal vanwege de eerdergenoemde maatschappelijke kosten van dubbele, drie- of vierdubbele aanleg. Sterker, concurrentie hierop is eigenlijk niet eens wenselijk, omdat het eigenlijk gezien kan worden als een nutsvoorziening. Als de overheid het fysieke netwerk (net als de waterleiding, het elektriciteitsnet, het riool) gezien had als zodanig en in eigen beheer had genomen, dan was de situatie mogelijk veel beter, en wie weet was heel Nederland dan al verglaasd.

Echter, de markwerking waarmee we opgescheept zitten dwingt nu eenmaal meerdere netwerken af, als de markt dat überhaupt kan dragen. Dat zij dan zo, als we dat nodig hebben voor de differentiatie tussen operatorapparatuur met bijbehorende snelheidsprofielen, betrouwbaarheid en snelheid van de backhaulverbinding (het landelijk netwerk van een operator en verbinding naar de internet exchange) en alle andere technieken die een netwerkoperator voor zijn rekening neemt. Ook al betekent dat dan dat je drie of vier FTU’s in je meterkast krijgt.

En in de iets verdere toekomst wellicht weer een ander lichtpuntje: mogelijk dat de overheid opnieuw eisen zou kunnen stellen bij nieuw aan te leggen netwerken om daarmee AON verplicht te stellen. We zullen daarmee helaas moeten wachten totdat de ACM weer een nieuwe uitspraak kan doen.

[Voor 255% gewijzigd door TimoDimo op 29-05-2023 14:17]

Sources


Article information

Author: Timothy Potter

Last Updated: 1703416561

Views: 923

Rating: 3.6 / 5 (52 voted)

Reviews: 86% of readers found this page helpful

Author information

Name: Timothy Potter

Birthday: 1912-10-06

Address: 43145 Vasquez Union, Martinborough, NH 74994

Phone: +4721236750997760

Job: Construction Manager

Hobby: Graphic Design, Board Games, Tennis, Cycling, Knitting, Whiskey Distilling, Coin Collecting

Introduction: My name is Timothy Potter, I am a unguarded, sincere, Colorful, frank, capable, unwavering, honest person who loves writing and wants to share my knowledge and understanding with you.